Staatssecretaris ziet bezwaren belastingplan 2013 op het punt van aankoopfinanciering in

  • dinsdag 11 juni 2013 | Marketing afdeling

Op 29 november 2012 heeft mijn kantoorgenoot mr. Wim Janssens in zijn blog het belastingplan 2013 besproken, en meer specifiek de consequenties voor onder andere aankoopfinanciering. In zijn blog van 6 maart 2013 is hij hier nader op ingegaan met de constatering dat de wetswijziging tot gevolg zal hebben dat financiering van bedrijven moeilijker zal worden. Op 1 april 2013 is echter een besluit (Wijziging van de Leidraad Invordering 2008) in werking getreden waardoor, indien sprake is van een zuivere vorm van aankoopfinanciering, er toch geen verplichting bestaat om de fiscus te informeren over het voornemen om rechten uit te oefenen met betrekking tot een bodemzaak.

Wat betekent dit voor u als leverancier?

Indien u als leverancier hebt geleverd onder eigendomsvoorbehoud, hoeft u dus niet uw voornemen aan de fiscus mede te delen indien u bijvoorbeeld een machine terug wilt halen bij uw debiteur. Dit geldt eveneens voor bepaalde vormen van leasing en huurkoop, in die gevallen waarin de reële eigendom van de bodemzaak toebehoort aan de schuldeiser.

Deze wijziging lijkt tot gevolg te hebben dat de financieringspraktijk minder terughoudend zal zijn in vergelijking met de situatie dat de plannen uit het belastingplan 2013 onverkort van kracht zouden zijn gebleven.

Voor banken en andere pandhouders blijft de mededelingsplicht aan de fiscus wel overeind voor het geval zij haar rechten wenst uit te oefenen met betrekking tot een bodemzaak c.q. bodemzaken. Het optuigen van onder andere een bodemverhuur-constructie om daarmee het verhaalsrecht van de fiscus te omzeilen, lijkt in dat kader niet meer te zullen voorkomen dan wel in veel mindere mate. De fiscus zal immers na de mededeling van de pandhouder, naar verwachting, zo spoedig mogelijk tot beslaglegging van de bodemzaken overgaan.

Hoe staat uw zekerheidsrecht/eigendomsrecht ten opzichte van bodembeslag?

Zowel vóór als na uitspraak van een faillissement kan de fiscus bodembeslag leggen op bodemzaken van derden. Indien (nog) geen faillissement van uw debiteur is uitgesproken zal de fiscus na het leggen van het bodembeslag uw eigendomsrecht respecteren. Hiervoor dient u binnen een korte termijn, nadat het bodembeslag is gelegd, bezwaar te maken. Na uitspraak van een faillissement ligt dit anders. De fiscus kan zich dan niet verhalen op alle goederen. Door het uitspreken van het faillissement ligt immers een algeheel faillissementsbeslag op het vermogen van de gefailleerde. De fiscus kan zich daarom na uitspraak van een faillissement alleen verhalen op zaken van derden om daarmee haar vordering(en) te voldoen.

Indien u tot uitwinning wenst over te gaan en wenst te voorkomen dat de fiscus uitwint, is het (nog steeds) zaak om zo spoedig mogelijk na uitspraak van het faillissement, en wel voordat de fiscus bodembeslag (kan) leggen, uw zaak op te eisen op grond van art. 63c Fw.

Onduidelijkheid rol fiscus en curator na uitspraak van het faillissement

Voor banken en andere pandhouders lijkt te gelden dat zij ook na uitspraak van het faillissement mededeling aan de fiscus dienen te doen in geval zij haar rechten wensen uit te oefenen. Uit lid 18 van (het nieuwe) art. 22bis Invorderingswet (IW) volgt immers dat dit artikel van overeenkomstige toepassing is tijdens een afkoelingsperiode. Het is thans de vraag wat de rol van de curator in een dergelijke situatie is. Los hiervan is het überhaupt de vraag of de rol van de curator veranderd is.

Wat is bijvoorbeeld de rol van de curator indien een bank of een andere pandhouder voor uitspraak van een faillissement een mededeling aan de fiscus heeft gedaan omtrent haar voornemen tot uitoefening van haar rechten? De fiscus dient immers binnen vier weken te beslissen of zij tot beslaglegging overgaat. Hoe verhoudt dit zich tot lid 18 van art. 22 bis Iw en art. 57 lid 3 Fw? Uit laatstgenoemd artikel volgt namelijk dat de curator mede de belangen van de fiscus behartigt. Onduidelijk is of dat nog steeds opgaat.

Tot besluit

Het blijft zaak om een vinger aan de pols te houden voor wat betreft uw verhaalpositie op de aan u in eigendom toebehorende zaken c.q. ten aanzien van uw zekerheids-rechten, ook nadat een faillissement van uw debiteur is uitgesproken. U kunt hier namelijk mee voorkomen dat de fiscus voorbij kan gaan aan uw eigendomsrecht.

Mocht u hierover nog vragen hebben dan staan wij u vanzelfsprekend graag te woord.

Overigens wijs ik u erop dat de fiscus haar mededelingsformulier ex art. 22bis IW op het moment van schrijven nog (steeds) niet op haar site (www.belastingdienst.nl) heeft aangepast aan het op 1 april 2013 in werking getreden besluit van de staatssecretaris. Voorzichtigheid is dus geboden!

Reageren