Korting voor de curator

|
Auteur:
6 min.

Regelmatig nemen verontruste klanten contact met mij op. Zij hebben namelijk te maken met een failliete klant die ondanks het faillissement toch door lijkt te gaan met de onderneming. Zeker wanneer er sprake is van een eigendomsvoorbehoud, krijgt u al snel het idee dat iemand uw spullen aan het verkopen is. De verkoop op zich is natuurlijk niet verontrustend, als u uiteindelijk maar vanuit de verkoopopbrengst wordt betaald. Maar dit laatste is absoluut geen zekerheid. Onze verontruste klanten vragen zich daarom af hoe zij het beste kunnen handelen in een dergelijke situatie. In mijn blog zal ik dit uitleggen en ingaan op een voorbeeld dat zich onlangs heeft voorgedaan.

Geleverde goederen terugeisen

Wanneer uw klant failliet is gegaan, heeft dit in beginsel geen gevolgen voor de rechten en plichten van u en uw klant. Indien u een eigendomsvoorbehoud heeft bedongen, kunt u eisen dat u uw geleverde goederen onmiddellijk terugkrijgt. Een curator moet echter wel de kans  krijgen om uit te zoeken of deze goederen ook daadwerkelijk van u zijn. Bovendien is het wenselijk dat een curator onderzoek doet naar de mogelijkheid om een onderneming door te starten. Daarmee wordt namelijk niet alleen werkgelegenheid behouden, maar heeft u als leverancier ook meteen weer een potentieel nieuwe klant. De (indirecte) schade van een faillissement wordt met een doorstart dus beperkt.

Afkoelingsperiode: rust voor de curator

Om de doorstartmogelijkheden en aanspraken van leveranciers op goederen te onderzoeken, kan de rechtbank een afkoelingsperiode inlassen. Tijdens deze afkoelingsperiode kan de curator in relatieve rust zich focussen op wat op dat moment belangrijk is voor de voortgang van de onderneming en het faillissement, zonder dat diverse partijen (soms letterlijk) aan goederen staan te trekken. In het geval van een afkoelingsperiode kunt u uw goederen dan ook niet per direct opeisen. Het is echter wel mogelijk dat de curator in de tussentijd uw goederen voorkoopt als dat in het belang is om tot een doorstart te kunnen komen. Omdat een curator hiermee inbreuk maakt op uw eigendomsrecht, moet diezelfde curator er voor zorgen dat uw rechten worden gewaarborgd.

Praktijkvoorbeeld faillissement Miss Etam

Onlangs vond er een procedure plaats waarbij leverancier Stitch vond dat zijn rechten niet voldoende waren gewaarborgd. Stitch had goederen geleverd aan Miss Etam en afgesproken dat de geleverde goederen eigendom blijven van Stitch totdat Miss Etam de openstaande facturen volledig had voldaan, oftewel met eigendomsvoorbehoud. Na het faillissement van Miss Etam hadden de curatoren de door Stitch geleverde goederen verkocht. Omdat Stitch niets van deze opbrengst had terug gezien, waren zij van mening dat ze waren benadeeld (verarmd) en spanden ze een procedure aan. De rechter oordeelde vervolgens dat leverancier Stitch inderdaad is verarmd en dat de boedel van Miss Etam ongerechtvaardigd is verrijkt. De waarde voor Miss Etam is dus onterecht vermeerderd, terwijl Stitch er slechter op is geworden. Volgens de rechter moet de curator leverancier Stitch hiervoor compenseren.

Compensatie voor verarming

Daarnaast kijkt de rechtbank in hoeverre de leverancier is benadeeld en hoeveel de curatoren van Miss Etam dus aan de leverancier moeten betalen om dat te compenseren. Volgens de rechtbank hoeft de curator slechts te betalen wat de goederen op het moment van verkoop waard waren, dat is niet per se het volledige inkoopbedrag. Zijn de goederen minder waard geworden (bijvoorbeeld omdat de kleding inmiddels een verouderde collectie is) en had de leverancier kosten moeten maken bij het ophalen van de goederen (zoals transportkosten), dan wordt dit door de rechtbank meegenomen in de berekening. Volgens de rechter krijgt een leverancier dus het bedrag wat hij anders ook had overgehouden als hij de goederen zelf had moeten terughalen én verkopen. In dit geval oordeelde de rechter dat de curator bijna 80% van de inkoopwaarde moest vergoeden aan de leverancier.

Voorkomen

Dergelijke geschillen met een curator kunt voorkomen door tijdig te communiceren met de curator. Afhankelijk van uw specifieke situatie kan het soms aantrekkelijk zijn om de curator uw spullen te laten uitverkopen. Ook kan het van belang zijn om de curator erop te wijzen dat u tegen geringe kosten diezelfde goederen voor een bedrag van minimaal de inkoopwaarde kunt verkopen.

Mocht u in een dergelijke situatie terechtkomen, wij denken graag met u mee om met de curator tot een zo goed mogelijke oplossing te komen. Gezien de aanwezige kennis die wij ook als curator opdoen, kunnen wij vrij snel met een curator tot een oplossing komen, die zowel voor u als leverancier als voor de curator tot tevredenheid leidt.

Het vonnis teruglezen

Het vonnis van de rechtbank vindt u hier.